nieuws 30 maart 2017

Nederlands onderwijs populairder dan ooit, persbericht 30 maart jl.

Bron Nuffic: Nederlandse organisatie voor internationalisering in onderwijs.

Download hier het rapport: Update: Incoming student mobility in Dutch higher education 2016-17

In studiejaar 2016/17 studeerden er ruim 112.000 internationale studenten in Nederland. Dat is het hoogste aantal ooit gemeten, concludeert Nuffic in de analyse van de laatste cijfers over studentenmobiliteit. Ruim 81.000 van de internationale studenten volgen een volledige studie, de rest komt voor een korter verblijf bijvoorbeeld voor een uitwisseling met Erasmus+.

Studentenpopulatie steeds diverser
In totaal studeren er studenten met 164 verschillende nationaliteiten in het hoger onderwijs. Daarmee wordt de studentenpopulatie steeds diverser. De 22.000 studenten uit Duitsland weten ons land het best te vinden, gevolgd door studenten uit China (4.300) en Italië (3.300).

Naar verhouding kwamen steeds meer internationale studenten van buiten Europa. Vooral studenten uit landen als India, Indonesië en Zuid-Korea schreven zich afgelopen jaren steeds vaker in voor een studie in Nederland. De groep internationale studenten die in 10 jaar tijd het hardst is gegroeid, is die uit de 11 landen waar Nuffic een Netherlands Education Support Office heeft; een groei van meer dan 150% sinds 2006-07. De taak van die buitenlandse kantoren is het promoten van het Nederlandse hoger onderwijs.

Kunst, techniek en University Colleges
Aan hogescholen is het aandeel internationale studenten het grootst aan de kunstvakopleidingen (31,8%). Niet zo gek, want de Nederlandse kunstensector is wereldwijd beroemd om zijn Dutch Design. Bij de universiteiten zijn de University Colleges het meest internationaal. Daar komt 38,7% van de studentenpopulatie uit het buitenland.

Van verdringing van Nederlandse studenten lijkt geen sprake. De recente discussie hierover focuste zich op de instroom in bachelorprogramma’s in de techniek. Studenten van buiten de Europese Unie volgen opvallend vaak een master in de technische hoek. Het percentage internationale studenten in de bachelorfase is met minder dan 10% juist laag. “De grote instroom van studenten in de bèta-technische masterstudies is een welkome ontwikkeling, want er is een tekort aan technisch geschoold personeel” aldus Beatrice Boots, directeur PBT.

1,57 miljard voor de schatkist
Veel internationale studenten blijven ook na hun studie wonen en werken in Nederland en dragen zo bij aan innovatie en de Nederlandse kenniseconomie. Zo gaan internationale promovendi veelal aan de slag in de Nederlandse private sector. In 2012 berekende het CPB dat internationale studenten jaarlijks circa 740 miljoen bijdragen aan de staatskas. Met nieuwe CBS-gegevens over de stay rate schat Nuffic dat circa 25% van internationale studenten een leven lang in Nederland blijft. Daarmee kan de jaarlijkse brain gain aan de Nederlandse kenniseconomie worden berekend op ongeveer 1,57 miljard.

Internationaal talent goed voor Nederland
Het aantrekken van talent uit het buitenland is voor een internationaal georiënteerd land als Nederland van groot belang. “Natuurlijk is het mooi dat internationale studenten bijdragen aan de staatskas”, maar er is nog een andere belangrijke reden, aldus Freddy Weima, directeur Nuffic: “Internationale studenten dragen bij aan de international classroom waar alle studenten van profiteren. Met de kennis, ervaring en netwerken die ze meebrengen uit eigen land, versterken ze de kwaliteit van het onderwijs in Nederland”.

Positie Nederland
Nederland doet het qua groei van de internationale instroom beter dan het wereldgemiddelde. Ons marktaandeel van alle mobiele studenten wereldwijd steeg sinds 2006/2007 met circa 15% tot bijna 2 op elke 100. De goede kwaliteit van het Nederlandse onderwijs, het grote aantal Engelstalige opleidingen en de relatief goede betaalbaarheid van de programma’s zijn veelgenoemde redenen om voor Nederland te kiezen.

Nuffic monitort trends in wereldwijde studentenstromen in het middelbaar beroeps- en hoger onderwijs, en doet onderzoek naar de impact hiervan op het onderwijs, de arbeidsmarkt en de economie.